Vier kruisen als symbolen voor innerlijke ontwikkeling

Paasvoordracht van Daniël van Egmond

Belangrijk is dat we beseffen dat mysteriën zoals die van geboorte, dood en opstanding – en daaraan vooraf zelfs nog schepping – zo ontzagwekkend zijn, dat wat we er ook over zeggen, het altijd alleen maar fragmentarisch kan zijn. Dus ook mijn verhaal van vanmiddag is uiterst fragmentarisch, en belicht maar een aantal facetten, naar ik hoop voldoende interessant voor u om dat met u mee te nemen.

Belangrijk is dat wanneer we het over mysteriën hebben, over dit soort mysteriën, dan hebben we het altijd over een werkelijkheid die onze zintuiglijke werkelijkheid ver overstijgt, en ons probleem is dat we zo’n werkelijkheid dan toch in termen van tijd en ruimte gaan bespreken, want onze taal dwingt ons daartoe.

En dan is het belangrijk om als het ware door die woorden heen te luisteren naar dat andere niveau dat erachter schuil gaat. Een symbolisch niveau, maar naar mijn gevoel zijn symbolen een grotere, een diepere, een meer aanwezige werkelijkheid dan wat zintuiglijke ervaring ons biedt. Iets wat in onze cultuur niet meer zo vanzelfsprekend is geworden.

De oude mensen in de oude culturen, voor hen was die andere wereld nog vanzelfsprekend, men was, zo zou je kunnen zeggen, nog transparant voor de hemelen terwijl men op aarde verkeerde. Dat had tot gevolg dat men in de natuurverschijnselen niet uitsluitend natuurverschijnselen zag zoals wij die bespreken en wij die kennen, maar dat men in natuurverschijnselen uitdrukkingen zag van hemelse mysteriën.

En één van die natuurverschijnselen naast vele andere is, zeker in de de omgeving waarin wij wonen- in Noord-Europa – is de vier jaargetijden. De vier specifieke punten in het jaar die iets vertellen tussen de verhouding tussen zon en aarde. En daarmee bedoel ik de winterzonnewende, de lente-evening of lente-equinox, de zomerzonnewende en de herfst-equinox. Die vertellen iets – als ik naar de symbolische werkelijkheid luister – over het de relatie tussen het goddelijke, die zich onder andere uitdrukt als zon, en ons mensen, die zich onder andere uitdrukken als de aarde, maar je zou ook kunnen zeggen dat ze tot uitdrukking brengen iets van de ziel, wat ook een symbool is voor de zon, en iets van de persoonlijkheid, wat een uitdrukking is voor de aarde.

Zo zie je dat in vele culturen – zeker waarin de vier jaargetijden duidelijk aanwezig zijn, dat is natuurlijk niet overal op aarde het geval – die vier jaargetijden diepe uitdrukking zijn van symbolen. Het is niet voor niets dat onze kerstviering zo rondom de winterzonnewende plaatsvindt. En het is ook niet zo vreemd dat oorspronkelijk eigenlijk het Paasfeest bij de lente-equinox hoorde, wat nu praktisch het geval is, met deze vroege Pasen.

Dus mijn verhaal volgt deze vier seizoenen, deze vier punten in de relatie tussen zon en maan, tussen God en mensheid, en tussen ziel en persoonlijkheid. Als we verder kijken naar alle mogelijke religies, of het nu grotere religies zijn of kleinere, dan zie je dat het mysterie van schepping, van geboorte, wat in sommige tradities als een soort val in de stof wordt begrepen, van verlossing – of ik moet eigenlijk eerst zeggen van sterven – en uiteindelijk van een opstanding of een voortbestaan na de dood, ook dat zijn vier momenten in een bestaan zou je kunnen zeggen, dat die vier momenten ook in alle religies, klein en groot, een centrale functie vervullen.

Lees en luister verder

'De mens is slaaf geworden van de klok'

Interview: Rust is het thema van de Maand van de Filosofie. Maakt denken rustig? Volgens schrijfster Joke Hermsen is het andersom. Wie geen rust neemt, komt helemaal niet aan creatief en kritisch denken toe.

Leonie Breebaart
Trouw / Religie en Filosofie


Of de drukbezette Joke Hermsen nog tijd heeft voor een interview? Wel voor deze krant. “Tachtig procent van mijn publiek bestaat uit Trouw-lezers.” Aan lezers heeft Joke Hermsen (1961), filosofe en romanschrijfster, sowieso geen gebrek. Met haar filosofische bestsellers ‘Stil de tijd’ (2009) en het recentere ‘Kairos. Een nieuw bevlogenheid’ (2014) raakte ze bij een breed publiek een gevoelige snaar.

Volgens Hermsen is de moderne mens slaaf geworden van de klok. Tijd wordt alleen nog maar beleefd als iets dat van buiten wordt opgelegd en tot haast aanspoort. In haar nieuwste boek, tevens essay voor de Maand van de Filosofie, breidt Hermsen haar filosofie van de tijd uit naar een pleidooi voor gezonde melancholie. In deze onrustige tijden, schrijft Hermsen, wordt deze gemoedstoestand al te snel gedempt met een doosje pillen, terwijl het juist een bron kan zijn van empathie en creativiteit.

Joke Hermsen woont in Amsterdam-West, en rustig kun je haar buurt niet noemen. In de Turkse snackbar tegenover de slijterij op de hoek is het om vier uur ’s middags weliswaar nog leeg, maar buiten is het een warboel van bakfietsmoeders, fietsende scholieren en jongens op scooters. Op de stoep ligt zwerfvuil. Bij de ingang van de speelplaats waar Hermsens woning op uitkijkt, hangt een bord met negen leefregels, waaronder: ‘geen honden en brommers’, ‘we zijn aardig voor elkaar’ en ‘na 21.00 uur wordt er niet meer gevoetbald’.

Hoe vindt u de rust om te denken?

“Nou ja, ik heb een huisje in de Bourgogne, ik heb een schrijfplekje in Bergen, ik probeer voortdurend de stad uit te gaan en de wereld even vaarwel te zeggen om tot die rust en aandacht voor het schrijven te komen. Al die boeken over stilte komen voort uit mijn eigen ervaring.

Je hebt rust nodig om creatief te zijn. Maar óók voor kritische reflectie. Dat is waar ik mét Plato op hamer: scholè, even pas op de plaats maken, mijmeren, dagdromen, zijn voorwaarden om tot kritische reflectie te komen. Alsof je de geest eerst leeg moet maken, voordat je tot een nieuwe gedachte kunt komen.”

De schrijfster-filosofe heet de bezoeker welkom in haar huiskamer, waar de thee en koekjes al klaar staan. Op tafel liggen ordelijke stapels boeken uitgestald. Zelf neemt Hermsen plaats voor de omvangrijke boekenkast. Lezen, vertelt Hermsen, was in de Amstelveense nieuwbouwwijk waar ze opgroeide al haar redding. “De liefde voor de literatuur heb ik van mijn vader. Op mijn achtste kreeg ik ‘Oeroeg’ van Hella Haasse, wat ik een érg mooi boek vond. Het duurde wel een paar jaar voordat ik het snapte, maar het rare was dat daarna kinderboeken ook niet meer voldeden, ik zat tussen wal en schip. Maar dat is wel mijn jeugd geweest: lezen, lezen, lezen.”

Hoe komt het dat lezen zo rustig maakt? 

“Ja, interessant. Hoe dat neurologisch werkt, weet ik niet precies, maar een belangrijk deel van de esthetische ervaring is dat ze je een andere tijdservaring binnenleidt, dat is wat ik de Kairos-tijd of Kairos-interval genoemd heb, waarin eigenlijk het tikken van de klok ophoudt. De esthetische ervaring brengt je in een tijd die ruimer en persoonlijker aanvoelt. Terwijl de Chronos-tijd, die van de volle agenda’s, aanvoelt als een krap jasje.” De Griekse God Chronos, legt Hermsen in haar boeken uit, hebben we nodig om agenda’s bij te houden en afspraken te maken. Maar om creatief te blijven, moeten we ook ruimte maken voor de god Kairos - in de Griekse mythologie ‘de god van het geschikte moment’ genoemd. “Kairos heeft niets met het tellen van seconden en minuten te maken.”

Lees verder